Welke schoenmaat heb je echt? Zo meet je de juiste lengte én breedte
Veel mensen kopen uit gewoonte al jaren exact dezelfde schoenmaat, terwijl voeten door de tijd heen drastisch van vorm veranderen. Gewichtsschommelingen, zwangerschappen en het ouder worden zorgen er namelijk voor dat voeten langer of breder worden. Aangezien maattabellen per fabrikant fors verschillen, leidt het blind vertrouwen op dat vaste maatnummer al snel tot knellende tenen of pijnlijke blaren. Een snelle meting op een rustig moment geeft meteen helderheid over de werkelijke afmetingen van de voet. Zo verandert de speurtocht naar een nieuw paar in een trefzekere ervaring.
Leg de basis met een vel papier en een potlood
Het opmeten van de exacte voetlengte vereist weinig voorbereiding en levert direct bruikbare millimeters op. Door een vel papier op een harde vloer strak tegen een rechte muur te leggen en daar plat op te gaan staan met de hiel tegen de wand, ontstaat een stabiele uitgangspositie. Een streepje bij de verste punt van de langste teen geeft de basislengte aan. Bij deze opgemeten afstand telt men standaard een halve tot een hele centimeter op om voldoende afrolruimte te bewaren tijdens het lopen. Voor dames die snel drukpunten ervaren aan de zijkanten, bieden brede schoenen voor dames een uitstekende uitkomst om beknelling bij de voorvoet te voorkomen.
Vergeet het opmeten van de wijdtemaat niet
Naast de lengte bepaalt de breedte van de bal van de voet voor een groot deel of een model echt prettig zit. Een zacht meetlint dat soepel rond het breedste gedeelte van de voorvoet wordt gelegd, brengt de exacte omtrek in kaart. Deze meetwaarde correspondeert in maattabellen met specifieke leestwijdtes, variërend van een smalle G-leest tot een extra ruime K- of M-leest. Schoenen die in de breedte te strak zitten, veroorzaken niet alleen sneller eelt en likdoorns, maar vervormen de schoen zelf ook binnen een paar weken. Het meenemen van de breedtemaat voorkomt dat de voeten aan de zijkanten over de zoolrand gaan hangen.
Houd rekening met de namiddag en sokken
Het tijdstip waarop de meting plaatsvindt, heeft een verrassend grote invloed op de uiteindelijke uitkomst. Voeten zwellen in de loop van de dag geleidelijk op door warmte, beweging en lichaamsgewicht, waardoor ze aan het einde van de middag een fractie groter zijn dan in de vroege ochtend. Het uitvoeren van de voetmeting aan het einde van de dag voorkomt dat nieuw gekochte modellen in de avonduren ineens te strak aanvoelen. Het dragen van de sokken die men normaal gesproken in dat specifieke type schoen draagt, zoals dikke wandelsokken of dunne panty’s, garandeert bovendien een uiterst nauwkeurige uitkomst.
Meet altijd beide voeten nauwkeurig op
Symmetrie is in de natuur zeldzaam en dat geldt ook voor het menselijk lichaam. Bijna niemand heeft twee exact identieke voeten; een verschil van een halve maat of een paar millimeter in breedte is heel gebruikelijk. Het opmeten van zowel de linker- als de rechtervoet voorkomt dat de kleinste voet als uitgangspunt wordt genomen. De grootste voet geeft immers altijd de doorslag bij het selecteren van de juiste maat. Een eventueel klein verschil bij de kortere voet laat zich vervolgens eenvoudig opvangen met een los inlegzooltje.
Het nauwkeurig opmeten van de lengte en breedte voorkomt kostbare miskopen en zorgt voor optimaal loopplezier. Door uit te gaan van de grootste voet en voldoende bewegingsruimte te bewaren, voelt elke wandeling als een verlichting. Zo wordt het uitzoeken van een nieuw paar schoenen een zorgeloos succes.